Op 14 mei 1600 sterft Jan Maassen op zijn akker in Kalmthout. Hij is aan het werk wanneer hij plots in elkaar stort.
Een kleine maand eerder had Maassen een caféruzie gehad met Jan Janssen, smid van Achterbroek. Daarbij had hij een flinke rammeling gekregen. Sindsdien stonden de families Maassen en Janssen en hun aanhang recht tegenover elkaar.
De dood van Maassen dreigde het conflict verder te laten escaleren. De schepenen van Kalmthout grepen onmiddellijk in. Ze lieten het lichaam onderzoeken door een chirurgijn. Die stelde vast dat Maassen niet gestorven was aan de gevolgen van het gevecht.
Dat resultaat werd officieel opgetekend in aanwezigheid van de nazaten en vrienden van Maassen. Zij moesten beloven de smid of zijn familie hierover niet aan te spreken of te molesteren.
Door deze zaak formeel vast te leggen, beschermden de schepenen niet alleen Jan Janssen tegen beschuldigingen, maar vooral de sociale rust in de gemeenschap.